ECLI:NL:RBDHA:2025:27934
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum
- 2025-12-12
- Procedure
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Herkomstland
- —
Geëxtraheerde velden
Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)
Zimbabwe - beroep gegrond - LHBTI - onvoldoende gemotiveerd waarom veklaringen van eiseres over haar seskuele gerichtheid geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen.
Materiële kern
RECHTBANK DEN HAAG Bestuursrecht zaaknummer: NL25.20327 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiseres], [V-nummer] , eiseres (gemachtigde: mr. F.H. Bruggink), en de Minister van Asiel en Migratie, verweerder. Procesverloop 1. Eiseres heeft op 29 januari 2025 een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 11 april 2025 deze aanvraag in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond. 1.1. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. 1.2. Verweerder heeft bij brief van 20 november 2025 te kennen gegeven niet te zullen verschijnen op zitting wegens beperkte capaciteit. De rechtbank heeft daarom op 20 november 2025 verweerder verzocht om een verweerschrift in te dienen. Verweerder heeft hier geen gehoor aan gegeven. 1.3. De rechtbank heeft het beroep op 28 november 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en J.E. Hynd als tolk. Verweerder is, met voorafgaande kennisgeving, niet verschenen. Beoordeling door de rechtbank Het asielrelaas 2. Eiseres heeft de Zimbabwaanse nationaliteit en is geboren op [geboortedatum] 1985. Eiseres heeft verklaard dat zij lesbisch is. Eiseres heeft op haar zestiende een relatie gekregen met een vrouw, genaamd [naam 1] . Eiseres en [naam 1] zijn, toen zij intiem waren, betrapt door de familie van eiseres. Hoewel de familieleden van eiseres de situatie moeilijk vonden, hebben zij eiseres en haar gevoelens geaccepteerd en gesteund. Eiseres is lid geworden van [organisatie] . De kerkgenootschap accepteerde de seksuele gerichtheid van eiseres echter niet, waarna een benzinebom naar het huis van de familie van eiseres is gegooid en het huis is uitgebrand. Eiseres en haar familie zijn daarna uit de gemeenschap verhuisd. In 2003 is eiseres op advies van haar familie, om haar seksuele gerichtheid verborgen te houden, getrouwd met een man, genaamd [naam 2] . Eiseres had ten tijde van dit huwelijk ook een relatie met een vrouw, genaamd [naam 3] . De man van eiseres heeft haar in 2013 betrapt samen met [naam 3] , hetgeen het einde van de relatie betekende. De inmiddels ex-man van eiseres heeft haar lastig gevallen en haar seksuele gerichtheid bekend gemaakt aan de gemeenschap. Hierdoor is eiseres aangevallen door onbekenden. In 2016 is eiseres getrouwd met haar huidige man, [naam 4] . Hij steunt eiseres omtrent haar seksuele gerichtheid. Van 2020 tot 2023 heeft eiseres een relatie gehad met een andere vrouw, [naam 5] . Eiseres heeft geprobeerd om het gevaar te ontvluchten door in 2023 op een cruise van acht maanden te gaan. Toen zij daarna alsnog problemen ondervond als gevolg van haar seksuele gerichtheid en het daarna heel lang duurde voordat eiseres een nieuw contract aangeboden kreeg, is zij op zoek gegaan naar een permanente oplossing voor haar probleem en heeft zij Zimbabwe verlaten. Het bestreden besluit 3. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens verweerder de volgende asielmotieven: de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres; de lesbische gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen. 3.1. Verweerder vindt de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig, maar de lesbische gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen niet. Verweerder heeft daarbij betrokken dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Verweerder vindt dat eiseres bij terugkeer geen gegronde vrees voor vervolging heeft als bedoeld in het Vluchtelingenverdrag en geen reëel risico loopt op ernstige schade als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). Wat vindt eiser in beroep? 4. Allereerst vindt eiseres dat het bestreden besluit ondeugdelijk is gemotiveerd. In het bestreden besluit is onvoldoende ingegaan op de aangevoerde punten uit de zienswijze van 26 maart 2025. Eiseres verzoekt daarom om de inhoud van de zienswijze als herhaald en ingelast te beschouwen. Daarnaast vindt eiseres de besluitvorming in deze zaak te voortvarend en daarmee onzorgvuldig. Verweerder heeft namelijk in het bestreden besluit erkend dat eiseres ten aanzien van de acceptatie van haar seksuele gerichtheid inzicht heeft gegeven in haar gevoelens en dat eiseres overtuigend heeft verklaard over het in overeenstemming kunnen brengen van haar seksuele gerichtheid met haar geloof. Hierdoor kan de seksuele gerichtheid van eiseres niet als ongeloofwaardig worden beschouwd, zelfs als verklaringen over andere onderwerpen niet zouden overtuigen. Ook heeft eiseres met een schriftelijke verklaring van [organisatie] aangetoond dat ze een ‘long time member’ is van die organisatie in Zimbabwe. Tot slot heeft eiseres haar gevoelens op papier gezet om haar gevoelens nog inzichtelijker te maken en is zij inmiddels actief geworden in de LHBTI-gemeenschap in Nederland, hetgeen ze heeft onderbouwd met foto’s en e-mailcorrespondentie. Wat is het oordeel van de rechtbank? 5. De rechtbank is van oordeel dat het beroep gegrond is. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen. Mocht verweerder de lesbische gerichtheid van eiseres en de daaruit voortvloeiende problemen ongeloofwaardig vinden? 6. Verweerder heeft eiseres voornamelijk tegengeworpen dat zij onvoldoende inzicht heeft gegeven in haar persoonlijke gevoelens en gedachten, onder andere over haar ontdekking dat ze op vrouwen valt, over haar relaties met [naam 1] en [naam 3] en over haar huwelijken. 7. Allereerst stelt de rechtbank vast dat eiseres aan het einde van het nader gehoor heeft verklaard dat zij zich ongemakkelijk voelde bij de tolk, omdat eiseres werd onderbroken als ze iets duidelijk probeerde te maken . Dit is door de gemachtigde van eiseres nogmaals benadrukt in de correcties en aanvullingen op het nader gehoor, waarbij nader is toegelicht dat eiseres het optreden van de tolk als vernederend heeft ervaren. Eiseres heeft eveneens op zitting verduidelijkt wat haar gevoel was bij de tolk tijdens het nader gehoor, namelijk dat ze zich door het gedrag van de tolk, namelijk haar hand opsteken en zeggen: “Nee, mevrouw.” gekleineerd voelde en het gevoel kreeg dat ze er niet mocht zijn. De rechtbank is het met eiseres eens dat dit van invloed kan zijn op de kwaliteit van het gehoor. Nu de geloofwaardigheid wordt beoordeeld aan de hand van de verklaringen van eiseres over haar gevoelens en gedachten, oordeelt de rechtbank dat het des te meer van belang is dat de communicatie tussen de tolk en de vreemdeling goed verloopt. Verweerder had dan ook in het bestreden besluit in moeten gaan op de opmerkingen van eiseres over de tolk. 8. Vervolgens is rechtbank van oordeel dat verweerder niet deugdelijk heeft gemotiveerd dat de verklaringen van eiseres over haar lesbische gerichtheid geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen en daarmee niet geloofwaardig zijn. 8.1. De rechtbank kan verweerder niet volgen in zijn standpunt dat eiseres onvoldoende inzicht heeft gegeven in haar persoonlijke gevoelens omtrent het moment dat ze besefte dat ze op vrouwen viel. Eiseres heeft namelijk verklaard dat ze zich heel nerveus voelde in de aanwezigheid van meisjes en dat ze zich bewust was van zichzelf . Verder heeft eiseres verklaard dat het haar heeft beïnvloed dat ze buiten de norm viel, omdat ze niet zichzelf kon zijn en daardoor gedwongen werd om iemand anders te worden . Hoewel eiseres niet heel uitgebreid is geweest in haar antwoorden, is de rechtbank van oordeel dat zij hiermee wel inzicht heeft gegeven in hoe zij zich voelde. 8.2. De rechtbank kan verweerder evenmin volgen in zijn standpunt dat eiseres te weinig inzicht heeft gegeven in de periode tussen de ontdekking dat ze op vrouwen viel en het moment waarop ze haar gevoelens accepteerde. Eiseres heeft namelijk verklaard dat ze door een proces moest gaan om op een punt te komen dat ze tegen zichzelf kon zeggen dat ze lesbienne was en dat ze het wilde uitproberen om te kijken hoe het zou gaan . Daarnaast heeft eiseres verklaard dat ze gemengde gevoelens had en zichzelf wilde zijn, maar dat dit niet kon . De rechtbank oordeelt dat eiseres hier wederom inzichtelijk is geweest in haar gevoel gedurende de periode tussen de ontdekking van haar gerichtheid en het moment dat ze haar gevoelens accepteerde. Verweerder heeft vervolgens in het bestreden besluit erkend dat eiseres ten aanzien van de acceptatie van haar seksuele gerichtheid inzicht heeft gegeven in haar gevoelens en dat eiseres overtuigend heeft verklaard over het in overeenstemming kunnen brengen van haar seksuele gerichtheid met haar geloof. De rechtbank volgt eiseres in haar de stelling dat niet te volgen is waarom dit nog steeds onvoldoende is om de seksuele gerichtheid van eiseres aannemelijk te maken. 8.3. Verder volgt de rechtbank eiseres in haar stelling dat niet van haar kan worden verwacht dat dat zij uitgebreider kan verklaren dan ze heeft gedaan over een relatie die in haar jeugd heeft plaatsgevonden. Verweerder heeft zich daarom niet op het standpunt mogen stellen dat eiseres vaag en summier heeft verklaard over haar relatie met [naam 1] . Daarbij oordeelt de rechtbank dat verweerder ten onrechte aan eiseres heeft tegengeworpen dat zij niet heeft verklaard wat er door haar heen ging als [naam 1] naar haar keek, aangezien eiseres wel heeft verklaard dat zij zich aangetrokken voelde tot [naam 1] en met haar wilde samen zijn . 8.4. Ook kan de rechtbank verweerder niet volgen in zijn standpunt dat de verklaringen over de relatie met [naam 3] niet overtuigend zijn, nu eiseres met haar verklaringen inzicht heeft gegeven in haar gevoelens over [naam 3] en hun relatie. Zo heeft eiseres verklaard dat [naam 3] ook een goede vriendin was en dat [naam 3] begripvol was over de situatie van eiseres met haar toenmalige echtgenoot . Ook heeft eiseres verklaard dat ze zich incompleet voelde dat ze de relatie met [naam 3] geheim moest houden en dat eiseres met haar zou zijn getrouwd als dat zou kunnen . 8.5. Verder kan de rechtbank verweerders standpunt dat eiseres te weinig inzicht geeft in haar persoonlijke gevoelens en gedachten omtrent haar twee huwelijken met mannen niet volgen. De rechtbank oordeelt dat eiseres wel inzichtelijk heeft verklaard over hoe zij dit heeft ervaren. Zo heeft zij verklaard over de acceptatie van haar seksuele gerichtheid door haar tweede echtgenoot en dat het moeilijk voor haar was, omdat er bepaalde dingen van haar werden verwacht die ze niet kon waarmaken . 8.3. Tot slot heeft eiseres in beroep een uitgebreide schriftelijke verklaring overgelegd, waarin zij een nadere toelichting geeft over onder meer de ontdekking en ontwikkeling van haar seksuele gerichtheid, haar twee huwelijken en haar relaties met [naam 1] en [naam 3] . Ook heeft eiseres gesteld en onderbouwd dat zij inmiddels activiteiten in de LHBTI-wereld in Nederland heeft ontplooid. Verweerder heeft hier niet op gereageerd, ondanks het verzoek van de rechtbank daartoe, waardoor naar het oordeel van de rechtbank deze stelling en verklaring als onweersproken kunnen worden beschouwd. 9. Gelet op het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verweerders standpunt dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen, niet kan worden gevolgd. Om deze reden is het beroep gegrond, waardoor de overige beroepsgronden geen bespreking meer behoeven. 10. Gelet op het voorgaande is het bestreden besluit ondeugdelijk gemotiveerd. De rechtbank zal het daarom vernietigen wegens strijd met artikel 3:46 van de Awb en verweerder opdragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Conclusie en gevolgen 11. Het beroep is gegrond. Dit betekent dat de rechtbank het bestreden besluit vernietigt. Verweerder moet een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak. 12. Omdat het beroep gegrond is, veroordeelt de rechtbank verweerder in de door eiseres gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht vast op € 1.814,-. Beslissing De rechtbank: verklaart het beroep gegrond; vernietigt het bestreden besluit van 11 april 2025; draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak; veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1.814,-. Deze uitspraak is gedaan door mr. E.M.A. Vinken, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Vlassak, griffier. Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Artikel 31, zesde lid, aanhef en onder c, van de Vw. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 23. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 6. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 7. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 7. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 8. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 9. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 10. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 11. Gehoorverslag nader gehoor, pagina 13. 1 punt voor het indienen van het beroepschrift, en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1.
Volledige uitspraak (archief)
Archief laden...