ECLI:NL:RBDHA:2026:29527
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum
- 2026-10-07
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Herkomstland
- —
Geëxtraheerde velden
Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)
Dublin Duitsland, vovo, afgewezen.
Materiële kern
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL26.32969 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam] , verzoeker, van Algerijnse nationaliteit, geboren op [geboortedatum] , V-nummer: [nummer] , (gemachtigde: mr. A.J. de Boer), en de minister van Asiel en Migratie, de minister. Inleiding 1. Bij besluit van 11 juni 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. 1.1. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. 1.2. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting Beoordeling door de voorzieningenrechter 2. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.32968, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. F. Aissa, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. NL26.32968. Op grond van artikel 8:83, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht.
Volledige uitspraak (archief)
Archief laden...