ECLI:NL:RBDHA:2026:19400
Rechtbank Den Haag · 2026-07-08 · Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)
Asiel Nicaragua. Ondervonden problemen vanwege politieke overtuiging onvoldoende aannemelijk gemaakt. Beroepen ongegrond.
Materiële kern
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummers: NL25.14416 en NL25.14417 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen [eiser] , v-nummer: [V-nummer] , geboren [geboortedatum 1] 1990, eiser, mede namens het minderjarige kind [minderjarige] , geboren [geboortedatum 2] 2023, en [eiseres] , v-nummer [V-nummer] , geboren [geboortedatum 3] 1996, eiseres, allen met de Nicaraguaanse nationaliteit, tezamen te noemen: eisers. (gemachtigde: mr. L. Sinoo), en de minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. L.J.E. Altdorf). Inleiding 1.1 In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van eisers van 27 maart 2025 tegen de afwijzing van hun asielaanvragen. 1.2 Eisers hebben op 13 december 2022 aanvragen tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. De minister heeft met de bestreden besluiten van 5 maart 2025 deze aanvragen in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond. Ook is aan eisers een terugkeerbesluit opgelegd. 1.3 Bij brief van 14 november 2025 heeft de minister aan de rechtbank laten weten dat zij het noodzakelijk acht om eiser aanvullend te horen. Dit aanvullend gehoor heeft plaatsgevonden op 5 december 2025. Vervolgens is - na het nemen van een aanvullend voornemen en een aanvullende zienswijze - op 19 maart 2026 door de minister ten aanzien van eiser een aanvullend besluit genomen. Het beroep van eiser richt zich mede tot dit aanvullend besluit. 1.4 De rechtbank heeft de beroepen van eisers op 7 mei 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eisers, de gemachtigde van eisers, de gemachtigde van de minister en N.C. Orellana als tolk. Overwegingen Asielrelaas eiser 2.1.1 Eiser heeft het volgende relaas ten grondslag gelegd aan zijn asielaanvraag. Eiser stelt te hebben deelgenomen aan vreedzame protesten tegen het regime van president Ortega in Nicaragua. Na deelname aan een mars in 2018 hebben de autoriteiten eiser staande gehouden en bedreigd. Zij hebben eiser vervolgens gedwongen tot arbeid in het huis waar de vrouw van de zoon van president Ortega en hun zoon woonden, waarbij hij ook mishandeld werd. Eiser is gevlucht en ondergedoken. Ook daar hebben de autoriteiten eiser gelokaliseerd. Vervolgens is eiser uit Nicaragua gevlucht en vreest hij bij terugkeer voor gevangenschap. 2.1.2 Eiser heeft tijdens zijn aanvullend gehoor verklaard dat hij zich in Nederland politiek heeft geuit door het delen van nieuwsberichten over de situatie in Nicaragua op sociale media zoals Facebook, het deelnemen aan verschillende Whatsappgroepen en het bijwonen van bijeenkomsten. Bij terugkeer naar Nicaragua zou eiser zich niet politiek kunnen uiten omdat dit direct tot aanhouding zou leiden. Asielrelaas eiseres 2.2.1 Eiseres heeft het volgende relaas ten grondslag gelegd aan haar asielaanvraag. Eiseres stelt, net als haar echtgenoot, politiek actief geweest te zijn in Nicaragua. Eiseres heeft daardoor echter geen persoonlijke problemen ondervonden, behalve haar ontslag in maart 2021. Eiser heeft wel persoonlijke problemen ondervonden vanwege zijn politieke activiteiten. Het huis van eisers werd in de gaten gehouden door de Nicaraguaanse politie vanwege eiser. Hierdoor voelde eiseres zich niet veilig en zijn zij samen gevlucht. Bij terugkeer vreest eiseres voor de Nicaraguaanse autoriteiten en politie vanwege de problemen van eiser. 2.2.2 Eiseres heeft de volgende documenten overgelegd bij haar aanvraag: een Nicaraguaans nationaal paspoort, foto’s van de politie voor haar huis, foto’s van eiseres tijdens demonstraties. Documenten 3. Eisers hebben ter onderbouwing van hun asielrelaas de volgende documenten overgelegd: bewijs van lidmaatschap aan [organisatie 1] , [datum 1] 2021; verklaring [organisatie 1] , [datum 2] 2025; brief [organisatie 2] , [datum 3] 2021; verklaring [organisatie 3] , [datum 4] 2025 + vertaling; verklaring eiser: ‘Rectificatie van het verhaal van [naam] ’; foto's demonstraties Nicaragua + foto eiser; foto’s verwondingen; foto's van eiser tijdens politieke activiteiten in Nederland; kaartje [plaats] met locatie; geposte foto’s van eisers waarop zij politieke actief zijn; post van tante die vraagt om politiek getinte posts te verwijderen; bericht nieuwssite aangaande actieve vervolging politiek actieve [organisatie 4] ; berichten aangaande gerefouleerde terugkeerders; overzicht politieke activiteiten eisers in Nederland; bericht nieuwssite aangaande aanhouding en opleggen boete politiek actieve leden [organisatie 4] ; achtergrondinformatie privéleven en integratie eisers; informatie van Vluchtelingenwerk over risico terugkeerders; informatie Vluchtelingenwerk over de positie van leden van [organisatie 5] en van de [organisatie 2] ; informatie Vluchtelingenwerk over de positie van opposanten in Nicaragua; screenshot facebook eiser; screenshot Facebook SOS Nicaragua Olanda; UN rapportage 6 februari 2026; bewijs politieke activiteiten op 18 april 2026 (verklaring en foto's). Besluit eiser 4.1.1 Het asielrelaas van eiser bevat volgens de minister de volgende asielmotieven: 1. identiteit, nationaliteit en herkomst; 2. politieke overtuiging; 3. ondervonden problemen vanwege eisers politieke overtuiging. Het eerste en tweede asielmotief acht de minister geloofwaardig, het derde asielmotief acht de minister ongeloofwaardig. 4.1.2 Eiser heeft zijn verklaringen ten aanzien van zijn gestelde problemen niet onderbouwd met objectieve documenten die dit asielmotief volledig onderbouwen. Dit betekent dat de minister verder beoordeelt of het asielmotief alsnog geloofwaardig is. Dat is volgens de minister niet het geval omdat eiser niet aan de voorwaarden van artikel 31, zesde lid, onder c, van de Vreemdelingenwet 2000 voldoet. Eisers verklaringen vormen geen samenhangend en aannemelijk geheel. Eiser heeft: (i) vaag verklaard over het huis en de personen waar hij tot arbeid werd gedwongen, (ii) eiser heeft vaag en wisselend verklaard over de bedreigingen, en (iii) eiser verklaarde wisselend over het document dat hij moest ondertekenen. 4.1.3 Verder stelt de minister zich op basis van het aanvullend gehoor op het standpunt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt hoe zijn wens tot politieke uiting zich concreet en feitelijk zou vertalen bij terugkeer. Daarbij is volgens de minister van belang dat eisers politieke uitingen in Nederland beperkt en terughoudend zijn gebleven en niet hebben geleid tot een verhoogde zichtbaarheid. Eiser heeft niet verklaard dat zijn uitingen in Nicaragua wezenlijk anders of intensiever zouden zijn dan de beperkte wijze waarop hij zich in Nederland heeft geuit. Besluit eiseres 4.2 Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende asielmotieven: 1. identiteit, nationaliteit en herkomst; 2. politieke overtuiging en deelname aan protesten; 3. problemen vanwege de partner van eiseres. Het eerste en tweede asielmotief acht de minister geloofwaardig, maar leiden er niet toe dat sprake is van een gegronde vrees voor vervolging, dan wel een reëel risico op ernstige schade. Eiseres heeft geen problemen ondervonden vanwege haar politieke overtuiging en deelname aan protesten, behoudens haar ontslag. Het causale verband tussen de politieke voorkeur van eiseres en het ontslag is echter niet aannemelijk gemaakt. Voor de door haar echtgenoot ondervonden problemen wordt verwezen naar het betreffende besluit. Het derde asielmotief acht de minister daarom ongeloofwaardig. Beoordeling door de rechtbank 5. Eisers stellen dat de ondervonden problemen vanwege de politieke activiteiten van eiser ten onrechte ongeloofwaardig zijn bevonden, en dat zij bij terugkeer weldegelijk een gegronde vrees voor vervolging / reëel risico op ernstige schade lopen vanwege hun beider politieke overtuiging. Zij voeren daartoe het volgende aan. Werkinstructie 2024/6 6.1 Eisers voeren aan dat de minister ten onrechte werkinstructie 2024/6 heeft toegepast. Er is veel tijdsverloop sinds de aanvraag van 13 december 2022. De minister dient de asielaanvragen te beoordelen aan de hand van het beleid zoals dit gold voor 1 juli 2024. Het nieuwe beleid is immers ongunstiger omdat een zwaardere bewijslast wordt gelegd op de vreemdeling. Eisers verwijzen in dit verband naar de uitspraak van deze rechtbank, zittingsplaats Rotterdam, van 24 oktober 2024, r.o. 5.2 en 5.3. 6.2 De rechtbank overweegt dat het uitgangspunt is dat bij het nemen van een besluit op bezwaar het recht wordt toegepast zoals dat op dat moment geldt. Dit geldt eveneens voor beleidsregels. De enkele omstandigheid dat een belanghebbende door toepassing van nieuw recht in een ongunstiger positie komt, is onvoldoende om van dit uitgangspunt af te wijken. In geval van bijzondere omstandigheden kan van dit uitgangspunt worden afgeweken. Van dergelijke bijzondere omstandigheden is echter niet gebleken. Het enkele tijdsverloop is daarvoor onvoldoende. De minister heeft derhalve terecht werkinstructie 2024/6 toegepast. De verwijzing naar de uitspraak van zittingsplaats Rotterdam maakt voorgaande niet anders. Het gaat in die zaak om gewijzigd landenbeleid. Daarvan is in dit geval geen sprake. Daarbij komt dat uit diezelfde uitspraak blijkt dat slechts wordt afgeweken van het uitgangspunt dat het recht dat geldt ten tijde van het besluit wordt toegepast bij bijzondere omstandigheden en dat de enkele omstandigheid dat eisers door toepassing van de nieuwe werkinstructie in een ongunstigere positie komen, onvoldoende is. Ook in die uitspraak wordt overwogen dat er geen bijzondere omstandigheden zijn. De beroepsgrond slaagt niet. Verklaringen eiser ten aanzien van ondervonden problemen 7.1.1 Eisers voeren aan dat eiser niet vaag heeft verklaard over het huis waar hij gedwongen te werk is gesteld. De minister onderbouwt volgens eiser niet waar hij de veronderstelling en aannames op baseert dat een tegenstander van het regime niet te werk zou worden gesteld bij de schoondochter en het kleinkind van Ortega. Het is onduidelijk op welke landeninformatie of andere informatie uit openbare objectieve bronnen dit standpunt is gebaseerd. 7.1.2 Eiser heeft verder duidelijk verklaard dat hij van de mensen die ook in dat huis werkten heeft gehoord dat het huis van de zoon van Ortega was. Dit bleek bovendien ook uit het feit dat sprake was van beveiliging. Niet valt in te zien waarom daar aan getwijfeld wordt. Het is bovendien niet relevant van wie het huis is. Het is vooral relevant dat eiser opposant is. 7.1.3 Niet langer wordt tegengeworpen dat eiser onvoldoende informatie over het huis heeft verstrekt, maar alleen nog dat hij de kaart niet eerder heeft overgelegd. 7.1.4 Het is verder niet juist dat eiser onduidelijk heeft verklaard over de bedreigingen. Hij heeft duidelijk verklaard dat hij moest vluchten omdat hij in de gaten werd gehouden . Dit werd erger toen hij hulp ging zoeken bij organisaties en de situatie werd steeds dreigender. Ondanks dat eiser niet face to face is bedreigd, was de situatie bedreigend. De minister heeft dat ten onrechte miskend. 7.2.1 De rechtbank is van oordeel dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat eisers verklaringen geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. 7.2.2 De minister heeft daartoe terecht gesteld dat eiser vaag heeft verklaard over het huis en de mensen waar hij gedwongen te werk is gesteld en is mishandeld, nadat hij na zijn deelname aan de mars in 2018 werd opgepakt. Het is niet aannemelijk dat eiser als tegenstander van het regime bij zulke vooraanstaande personen binnen het regime te werk is gesteld, ook niet onder beveiliging. Het is evenmin aannemelijk dat het niet met deze mensen besproken zou zijn dat eiser tegenstander was van het regime. De minister heeft daartoe terecht erop gewezen dat eiser als opposant een potentieel risico voor hen kan zijn, Eisers tegenwerping dat het niet duidelijk is waar de minister zich in voorgaand standpunt op baseert, maakt het oordeel van de rechtbank niet anders nu het in de eerste plaats aan eiser is om zijn stellingen in dit kader aannemelijk te maken. Dat heeft eiser nagelaten. De enkele stelling van eiser heeft de minister daartoe onvoldoende mogen vinden. Dit te meer nu eiser vaag heeft verklaard hoe hij van het feit dat hij in het huis van de zoon van Ortega te werk was gesteld op de hoogte is geraakt. Enerzijds heeft eiser tijdens het nader gehoor verklaard dat hij dit indirect gehoord had en anderzijds heeft hij in de zienswijze verklaard dat hij het van andere werknemers gehoord had. 7.2.3 Het is verder niet juist dat de minister in het bestreden besluit niet langer tegenwerpt dat de verklaringen van eiser, ten aanzien van de locatie van het huis waar hij 8 maanden heeft moeten werken, onvoldoende specifiek zijn. De minister heeft er terecht op gewezen dat het feit dat eiser bij zijn zienswijze een kaart met de locatie van het huis heeft overgelegd, afbreuk doet aan zijn verklaring dat hij alleen weet dat het huis in de buurt van de universiteit [universiteit] zou liggen , en dat van hem verwacht mag worden dat hij deze informatie eerder zou hebben verstrekt. 7.2.4 De minister heeft verder terecht tegengeworpen dat eiser vaag en wisselend heeft verklaard over de bedreigingen. Eiser heeft verklaard dat hij bedreigingen ontving via Facebook en dat hij niet wist van wie deze bedreigingen kwamen. Eiser heeft aangegeven dat de werksfeer veranderde nadat ze er op zijn werk achter kwamen dat hij tegen de president was. Eiser vermoedt dat ze dit wisten vanwege Facebook. Vervolgens stelt eiser dat ze hem de gehele periode dat hij daar gewerkt heeft, hebben mishandeld, en dat ze vanaf het begin al hebben geweten dat hij tegen het regime was. Verder heeft eiser verklaard dat hij nadat hij is gevlucht en ondergedoken, de politie hem in september/oktober van 2020 opnieuw heeft gelokaliseerd. Hoe zij hem hebben kunnen lokaliseren is niet duidelijk. Eiser geeft aan dat de politie erachter kwam waar hij woonde en dat hij werd bedreigd. Later in het gehoor geeft eiser aan dat hij in de gaten gehouden werd en achtervolgd werd. Hierbij geeft eiser tweemaal aan dat hij géén bedreigingen ontving. Eiser heeft deze tegenstrijdigheden in beroep naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende opgehelderd. 7.2.5 De rechtbank stelt verder vast dat eisers niet hebben bestreden dat de minister zich op het standpunt heeft gesteld dat eiser enerzijds heeft verklaard dat hij het huis moest schoonmaken en onderhouden en in huis is mishandeld en dat hij anderzijds in de zienswijze naar voren heeft gebracht dat hij voornamelijk in de tuin en patio onder beveiliging werkzaam was. Ook heeft eiser niet bestreden dat hij ten aanzien van de mishandeling enerzijds heeft verklaard dat mensen van niets wisten en anderzijds heeft verklaard dat hij de gehele periode dat hij werkzaam was in het huis mishandeld werd en dat men van meet af aan wist wie hij was. Dit geldt ook voor eisers tegenstrijdige verklaringen over het document dat hij ondertekend zou hebben. 7.2.6 Gelet op al het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de minister de verklaringen van eiser terecht niet geloofwaardig heeft gevonden. 7.2.7 De verwijzing van eisers naar de reactie van eiser gevoegd bij zijn zienswijze en de daarbij gevoegde foto’s van letsel door de gestelde mishandeling in het huis, geeft geen aanleiding voor een ander oordeel. De minister heeft daarover in het bestreden besluit terecht gesteld dat de verklaring een herhaling is van hetgeen verklaard is tijdens de gehoren en dat niet duidelijk is waardoor het letsel op de foto’s is veroorzaakt. 7.2.8 De verwijzing van eisers naar de verklaringen van [organisatie 5] en [organisatie 2] , geeft evenmin aanleiding voor een ander oordeel. De minister heeft - anders dan eisers stellen - deze verklaringen in het bestreden besluit meegewogen. De minister heeft zich daarover naar het oordeel van de rechtbank terecht op het standpunt gesteld dat nu deze verklaringen slechts verklaringen zijn die zijn opgesteld naar aanleiding van de verklaring van eiser zelf, daaraan niet de waarde toekomt die eisers daaraan hechten. De stelling ter zitting dat deze organisaties gezien het politieke klimaat deze verklaringen alleen afgeven als zij daar volledig achter staan, maakt dit niet anders. Dit ook niet in samenhang met het overgelegde ten aanzien van de deelname van eiser aan de mars in 2018. Politieke activiteiten eiseres 8.1 Eisers voeren aan dat niet alleen eiser, maar ook eiseres politieke activiteiten heeft ontplooid voor de oppositie in Nederland. Eisers hebben ter onderbouwing foto’s bijgevoegd die gepubliceerd zijn op de website van de eenheid van politieke gevangenen in Nicaragua, deze foto’s zijn ook geplaatst op de Facebookpagina van SOS Nederland die 1362 volgers heeft. Hierdoor loopt ook eiseres vanwege haar politieke activiteiten gevaar in geval van gedwongen terugkeer. Ook eiseres had aanvullend gehoord moeten worden. 8.2 De beroepsgrond slaagt niet. De minister heeft naar het oordeel van de rechtbank afdoende toegelicht dat eiseres in het nader gehoor bevraagd is over haar wens zich politiek te uiten bij terugkeer. Uit de verklaringen van eiseres blijkt geen duidelijke wens zich na terugkeer meer politiek te uiten dan via haar privé-account op sociale media. De minister heeft geen aanleiding hoeven zien om eiseres nader te horen om haar hierover nogmaals te bevragen. De stelling ter zitting dat dit wel had gemoeten gezien de overgelegde foto’s waarop eiseres te zien is met een foto in haar hand van vrij te laten politiek gevangenen, maakt dit niet anders. Dit betreft een enkele activiteit en maakt niet dat aangenomen moet worden dat eiseres zich anders zal willen gaan uiten bij terugkeer dan dat zij heeft verklaard. Voor het overige wordt verwezen naar hetgeen hieronder ten aanzien van de politieke activiteiten van eiser is overwogen. Politieke activiteiten eiser 9.1.1 Eisers voeren ten aanzien van de politieke activiteiten van eiser aan dat de Nicaraguaanse overheid deelname aan politiek gekleurde bijeenkomsten als oppositionele activiteiten aanmerkt, of eiser zich van het politieke karakter nu bewust was of niet. De door eiser als cultureel religieus ervaren bijeenkomsten dienen derhalve weldegelijk als politieke activiteiten beschouwd te worden. Het is verder niet juist dat eiser pas ná het eerste bestreden besluit politiek actief werd, dat was hij in Nicaragua immers al. Eiser heeft verklaard pas later meer zichtbaar te zijn gaan deelnemen aan activiteiten van SOS Nicaragua. Hij werd meer zichtbaar uit angst dat hij gevangen zou worden genomen of vermoord of represailles tegen zijn vrouw of kind. Eiser verwijst in dit kader naar de landeninformatie van Vluchtelingenwerk en de twee verklaringen van oppositionele organisaties. 9.1.2 Eiser verricht politieke activiteiten op sociale media. Verwezen wordt naar de screenshots van de Facebookpagina van eiser en die van SOS Nicaragua Olanda waaruit blijkt dat eiser zo’n 400 volgers heeft en SOS Nicaragua Olanda 1396. Hieruit volgt dat eiser wel degelijk in de negatieve belangstelling staat. Het delen van dergelijke berichten staat gelijk aan het onderschrijven van de daarin vermelde mening over de autoriteiten en dus gelijk aan oppositionele activiteiten. Dat die berichten niet veel geliked worden doet daaraan niet af. Er is geen reden om te twijfelen aan het feit dat men berichten tegen het regime niet durft te liken. Dat het regime repressief is en dat burgers leven in angst voor represailles blijkt uit de overgelegde landeninformatie. Ook wordt verwezen naar de UN-rapportage van 6 februari 2026 waarin beschreven wordt hoe repressief het regime is. Eiser is daarom ook door zijn tante gevraagd zijn politiek getinte posts te verwijderen. Eisers zijn verder niet bekend met het door de minister verrichte onderzoek naar hun sociale media. Het resultaat van dat onderzoek is niet overgelegd. De stelling van de minister dat eisers niet aan hun beeltenis of foto’s door de autoriteiten herkend zullen worden wanneer zij op de luchthaven aankomen volgt eiser niet nu eisers te identificeren zijn door middel van foto’s en hun paspoorten. Uit de genoemde UN-rapportage blijkt dat de autoriteiten [organisatie 4] nauwlettend in de gaten houdt en opposanten bij terugkeer arresteert. Ook WhatsApp-groepen worden nauwlettend in de gaten gehouden. Eiser heeft verder duidelijk verklaard over de wijze waarop hij zich wil uiten bij terugkeer. Eisers lopen derhalve wel degelijk gevaar bij terugkeer. 9.2.1 De rechtbank is van oordeel dat voornoemde stellingen van eisers in het kader van hun politieke overtuiging niet slagen. Daarbij acht de rechtbank het volgende van belang. Ten aanzien van eisers activiteiten op sociale media heeft de minister van belang mogen achten dat eiser een gering aantal volgers en likes heeft, dat eisers account privé is en dat het laatste bericht van 9 december 2024 is. Ter zitting heeft de gemachtigde van de minister bevestigd dat uit de screening van eisers sociale media blijkt dat eiser 400 volgers heeft en dat zijn laatste bericht van 2024 is. Er is geen sprake van een groot bereik van eisers op sociale media. Het is daarom niet aannemelijk dat eiser in de negatieve belangstelling van de Nicaraguaanse autoriteiten staat. Nergens blijkt uit dat mensen berichten van eisers niet durven te liken, dat blijkt ook niet uit de overgelegde landeninformatie. Dat eisers familie gevraagd heeft te stoppen met het plaatsen van berichten op sociale media maakt dit niet anders. Eiser deelt enkel berichten van anderen op sociale media, daarmee profileert eiser zich niet dusdanig dat aannemelijk is dat dit de aandacht wekt van de autoriteiten. De door eisers overgelegde landeninformatie en de stelling dat zij op de foto’s van activiteiten in Nederland in beeld zijn, maakt voorgaande niet anders. Niet valt in te zien hoe een en ander door de Nicaraguaanse autoriteiten te herleiden is tot eisers. Ditzelfde geldt voor de deelname aan de Whatsapp-groep, die groep is privé en bovendien hebben eisers in deze groep geen vooraanstaande rol. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de minister het terecht niet aannemelijk heeft gevonden dat de activiteiten zouden kunnen leiden tot negatieve aandacht. Verder heeft de minister ook het gestelde risico bij terugkeer niet aannemelijk mogen vinden. Eiser heeft niet duidelijk verklaard over zijn wens om zijn politieke overtuiging te blijven uiten in Nicaragua. Hij heeft geen duidelijkheid verschaft in hoe hij zich zou willen uiten bij terugkeer en waarom op die manier. 9.2.2 Gelet op voorgaande heeft de minister zich naar het oordeel van de rechtbank op het standpunt mogen stellen dat eisers niet aannemelijk hebben gemaakt dat zij vrees hebben bij terugkeer. Het is namelijk niet aannemelijk dat zij in de negatieve belangstelling staan van de Nicaraguaanse autoriteiten. Daarbij is van belang dat eisers problemen vanwege zijn politieke overtuiging ongeloofwaardig zijn geacht, dat eisers legaal zijn uitgereisd, dat een verwijzing naar algemene landeninformatie onvoldoende is en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt hoe hij zich concreet zou willen uiten bij terugkeer. Conclusie en gevolgen 10.1 De minister heeft de aanvragen terecht afgewezen als ongegrond. 10.2 Het beroep is ongegrond. Eisers krijgen geen vergoeding van hun proceskosten. Beslissing De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.H. Lange, rechter, in aanwezigheid van mr. N.R. Peters, griffier. Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. ECLI:NL:RBDHA:2024:17345. Zie de uitspraak van de Afdeling (de Afdeling) bestuursrechtspraak van de Raad van State van 13 februari 2029, ECLI:NL:RVS:2019:433. Nader gehoor, pagina 15. Nader gehoor, pagina 13. Nader gehoor, pagina 14. Nader gehoor, pagina 14. Nader gehoor, pagina 6. Nader gehoor, pagina 6. Nader gehoor, pagina 14. Nader gehoor, pagina 6 en 12. Nader gehoor, pagina 20 - 22.