ECLI:NL:RBDHA:2023:4737
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum
- 2023-04-05
- Procedure
- Voorlopige voorziening
- Herkomstland
- —
Geëxtraheerde velden
Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)
Dublin, Spanje, vovo, medische omstandigheden, verweerder gaat BMA advies vragen, toegewezen.
Materiële kern
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL23.5531 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen [naam], verzoeker, geboren op [geboortedatum], van Syrische nationaliteit, V-nummer: [v-nummer] (gemachtigde: mr. H.A. Jeuring), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder, (gemachtigde: A.A. Wildeboer). Procesverloop Bij besluit van 22 februari 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld (de hoofdzaak met kenmerk NL23.5530). Hierop wordt bij aparte uitspraak beslist. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Ingevolge artikel 8:81, eerste lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is in de hoofdzaak, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. 2. Verweerder heeft, naar aanleiding van de door eiser overgelegde medische stukken, te kennen gegeven dat hij een advies bij het Bureau Medische Advisering (BMA) zal inwinnen over de medische situatie van verzoeker. Om die reden verzet verweerder zich niet tegen het toewijzen van de gevraagde voorziening. 3. De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om een voorlopige voorziening toe, schorst het bestreden besluit en bepaalt dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan Spanje totdat op het beroep tegen het bestreden besluit is beslist. 4. De voorzieningenrechter veroordeelt verweerder in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 837,00 (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 837,- en een wegingsfactor 1). Omdat aan verzoeker een toevoeging is verleend, moet verweerder de proceskostenvergoeding betalen aan de rechtsbijstandverlener. Beslissing De voorzieningenrechter: - wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe; - treft de voorlopige voorziening dat het bestreden besluit wordt geschorst en dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan Spanje totdat is beslist op het beroep; - veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 837,00. Deze uitspraak is gedaan door mr. T.A. Oudenaarden, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. V. Vegter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Volledige uitspraak (archief)
Archief laden...