Zaak

ECLI:NL:RBDHA:2022:7085

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum
2022-07-11
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Herkomstland
01Registratie

Geëxtraheerde velden

Zaaknummer
NL22.2553
Rechtsgrond
Asiel-intrekking
ja
Uitkomst
Winnende partij
Herkomstland
Thema
COI-verwijzing
Verkorte motivering (art. 91 lid 2)
Tekstlengte
3.255 tekens
Verificatiestatus
ongecontroleerd
Kansberekening laden…
04Samenvatting

Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)

Beroep tegen niet tijdig beslissen op asielaanvraag – alsnog inwilligend beslist - proceskostenveroordeling

05Kern

Materiële kern

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.2553 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [Naam], verzoekster V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. E. Arslan), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: H. Jahanyar). Procesverloop Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag van 30 juli 2021. Verweerder heeft op 2 maart 2022 een verweerschrift ingediend. Bij besluit van 7 april 2022 heeft verweerder de asielaanvraag van verzoekster ingewilligd. Verzoekster heeft het beroep ingetrokken en verzocht om vergoeding van de proceskosten. De rechtbank doet met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb kan de rechtbank bij afzonderlijke uitspraak en met toepassing van artikel 8:75 Awb een bestuursorgaan in de proceskosten veroordelen, indien bij de intrekking van het beroep daarom wordt verzocht en verweerder geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen. 2. De rechtbank stelt vast dat verweerder aan verzoekster is tegemoet gekomen door hangende het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit alsnog een beslissing te nemen. Verweerder heeft in het verweerschrift van 2 maart 2022 meegedeeld zich niet te verzetten tegen een veroordeling in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van €379,50. Verzoekster heeft het verzoek om vergoeding van de proceskosten gedaan gelijktijdig met het intrekken van het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit. 3. Uit het voorgaande volgt dat het verzoek om vergoeding van de proceskosten kennelijk gegrond is. 4. De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten die verzoekster heeft gemaakt. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 379,50 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift ter waarde van € 759 en wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit. Beslissing De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag van € 379,50 ( driehonderdnegenenzeventig euro en 50 cent ). Deze uitspraak is gedaan door mr. W. Anker, rechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Volledige uitspraak (archief)

Archief laden...