Zaak

ECLI:NL:RVS:2025:20

Instantie
Raad van State
Datum
2025-01-06
Procedure
Voorlopige voorziening
Herkomstland
01Registratie

Geëxtraheerde velden

Zaaknummer
BRS25000002
Rechtsgrond
Asiel-intrekking
onzeker
Uitkomst
Winnende partij
Herkomstland
Thema
COI-verwijzing
Verkorte motivering (art. 91 lid 2)
Tekstlengte
1.863 tekens
Verificatiestatus
ongecontroleerd
Kansberekening laden…
04Samenvatting

Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)

Bij besluiten van 8 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard.

05Kern

Materiële kern

BRS.25.000002 ECLI:NL:RVS:2025:20 Datum uitspraak: 6 januari 2025 AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht), met toepassing van artikel 8:83, derde lid, van die wet, van: [vreemdeling 1], [vreemdeling 2], [vreemdeling 3] en [vreemdeling 4], verzoekers, tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Groningen, van 25 november 2024 in zaken nrs. NL24.31475 en NL24.31477 in het geding tussen: de vreemdelingen en de minister van Asiel en Migratie. Procesverloop Bij besluiten van 8 augustus 2024 heeft de minister aanvragen van de vreemdelingen om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet-ontvankelijk verklaard. Bij uitspraak van 25 november 2024 heeft de rechtbank de daartegen door de vreemdelingen ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben de vreemdelingen hoger beroep ingesteld. Ook hebben zij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1.Bij uitspraak van 30 december 2024 heeft de Afdeling op het hoger beroep van de vreemdelingen beslist. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening niet in behandeling genomen. 2.Het verzoek is niet-ontvankelijk. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State: verklaart het verzoek niet-ontvankelijk. Aldus vastgesteld door mr. J.C.A. de Poorter, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.S. van den Oosterkamp, griffier. w.g. De Poorter voorzieningenrechter w.g. Van den Oosterkamp griffier Uitgesproken in het openbaar op 6 januari 2025 1028

Volledige uitspraak (archief)

Archief laden...