Zaak

ECLI:NL:RBDHA:2023:18667

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum
2023-11-29
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Herkomstland
01Registratie

Geëxtraheerde velden

Zaaknummer
NL23.14676
Rechtsgrond
Asiel-intrekking
ja
Uitkomst
Winnende partij
Herkomstland
Thema
COI-verwijzing
Verkorte motivering (art. 91 lid 2)
Tekstlengte
2.687 tekens
Verificatiestatus
ongecontroleerd
Kansberekening laden…
04Samenvatting

Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)

BNT. Intrekking. PKV

05Kern

Materiële kern

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL23.14676 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam] , verzoeker, V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. P.J. Schüller), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Verzoeker heeft op 16 mei 2023 beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 21 september 2022. Bij besluit van 25 augustus 2023 heeft verweerder de asielaanvraag van verzoeker ingewilligd. Verzoeker heeft het beroep ingetrokken en daarbij verzocht om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Bpb . Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb. 2. Eiser heeft verweerder op 1 mei 2023 in gebreke gesteld. Op die datum was de beslistermijn op de asielaanvraag echter nog niet verstreken. De wettelijke beslistermijn van zes maanden was met WBV 2022/22 namelijk met negen maanden verlengd. Dit betekent dat het beroep prematuur is ingesteld. Dit beroep zou niet-ontvankelijk zijn verklaard als het niet was ingetrokken. 3. Verzoeker heeft daarom geen aanspraak op een proceskostenveroordeling. Het verzoek wordt als kennelijk ongegrond afgewezen. Beslissing De rechtbank wijst het verzoek om een proceskostenveroordeling af. Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van M. Elmi, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl . De uitspraak is uitgesproken en bekendgemaakt op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden. Algemene wet bestuursrecht. Besluit proceskosten bestuursrecht

Volledige uitspraak (archief)

Archief laden...