Zaak

ECLI:NL:RBDHA:2025:8919

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum
2025-05-20
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Herkomstland
01Registratie

Geëxtraheerde velden

Zaaknummer
NL21.358
Rechtsgrond
Asiel-intrekking
ja
Uitkomst
Winnende partij
Herkomstland
Thema
COI-verwijzing
Verkorte motivering (art. 91 lid 2)
Tekstlengte
3.589 tekens
Verificatiestatus
ongecontroleerd
Kansberekening laden…
04Samenvatting

Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)

BNT, asiel, intrekking en verzoek om PKV, asielaanvraag ingetrokken, geen aanvraag meer waarop de IND niet tijdig heeft beslist, verzoek afgewezen.

05Kern

Materiële kern

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL21.358 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [verzoeker], verzoeker V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. L.J. Meijering), en de minister van Asiel en Migratie , voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid (gemachtigde: mr. F. el Benaissati). Procesverloop Verzoeker heeft op 20 maart 2020 beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn asielaanvraag van 10 december 2018. Bij uitspraak van 11 augustus 2020 heeft deze rechtbank, zittingsplaats Groningen, het beroep gegrond verklaard en daarbij verweerder opgedragen om binnen een termijn van acht weken een eerste gehoor af te nemen en binnen acht weken na het eerste gehoor een besluit op de aanvraag te nemen (ECLI:NL:RBNNE:2020:4955). Op 10 januari 2021 heeft verzoeker opnieuw beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de hierboven genoemde aanvraag. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Verzoeker heeft het beroep ingetrokken en daarbij verzocht om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb uitspraak zonder zitting. Overwegingen 1. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Bpb. Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb. 2. Uit het verweerschrift en het overgelegde intrekkingsformulier blijkt dat verzoeker op 25 januari 2021 zijn asielaanvraag heeft ingetrokken. Nu de procedure ter zake van de asielaanvraag van verzoeker is beëindigd, kan er geen sprake meer zijn van een besluit op een aanvraag dat niet tijdig is genomen. Dit betekent dat de ingebrekestelling, die betrekking had op het niet tijdig nemen van een besluit, zonder betekenis is. De rechtbank is daarom van oordeel dat verzoeker geen procesbelang meer zou hebben gehad bij zijn beroep tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag, nu er geen asielaanvraag meer is om op te beslissen. Het beroep zou niet-ontvankelijk zijn verklaard wanneer verzoeker dit beroep niet had ingetrokken. Het beroep van verzoeker voldeed dan ook niet aan de voorwaarden. Het verzoek om een proceskostenveroordeling wordt daarom afgewezen. Beslissing De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenveroordeling af. Deze uitspraak is gedaan op 20 mei 2025 door mr. S.E. van de Merbel, rechter, in aanwezigheid van mr. E.C. Jacobs, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden. Algemene wet bestuursrecht. Besluit proceskosten bestuursrecht.

Volledige uitspraak (archief)

Archief laden...