Zaak

ECLI:NL:RBDHA:2024:4271

Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum
2024-03-21
Procedure
Eerste aanleg - enkelvoudig
Herkomstland
01Registratie

Geëxtraheerde velden

Zaaknummer
NL24.6792
Rechtsgrond
Asiel-intrekking
onzeker
Uitkomst
Winnende partij
Herkomstland
Thema
COI-verwijzing
Verkorte motivering (art. 91 lid 2)
Tekstlengte
2.299 tekens
Verificatiestatus
ongecontroleerd
Kansberekening laden…
04Samenvatting

Inhoudsindicatie (redactie Rechtspraak)

Mondelinge uitspraak – asielaanvraag, Dublin Zwitserland – eiser is met onbekende bestemming vertrokken – geen procesbelang – niet-ontvankelijk beroep

05Kern

Materiële kern

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL24.6792 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. E.S. van Aken), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. E. Sweerts). Procesverloop Bij besluit van 22 februari 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen op de grond dat Zwitserland verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. De rechtbank heeft het beroep op 21 maart 2024 op zitting behandeld. Eiser en, met voorafgaand bericht, zijn gemachtigde zijn niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen 1. Bij bericht van 11 maart 2024 heeft verweerder laten weten dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. Bij bericht van 18 maart 2024 heeft de gemachtigde van eiser desgevraagd laten weten dat hij geen actueel contact met eiser heeft. Eiser is ook niet verschenen ter zitting noch heeft hij anderszins van zich laten horen. 2. Op grond van die feiten en omstandigheden neemt de rechtbank aan dat eiser niet langer prijs stelt op de aanvankelijk gezochte internationale bescherming in Nederland. Dit betekent dat hij geen belang meer heeft bij de inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. 3. Het beroep is niet-ontvankelijk. 4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 21 maart 2024 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier, en geanonimiseerd gepubliceerd op www.rechtspraak.nl . Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.

Volledige uitspraak (archief)

Archief laden...